banner
   
Home Bengaalse oehoe - Bubo bengalensis Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Bengaalse oehoe Kabouterland 2006

Bengaalse oehoe's vormen paartjes voor het leven.

Ze leven in rotsachtige heuvels met struiken en woestijnachtige gebieden met rotsen en struiken.

Ze jagen vooral op ratten en muizen, maar ook wel op vogels, reptielen, kikkers en grote insecten.

De oehoe heeft een lichtbruin verenkleed met zwart-grijze en witte accenten.
De kin en keel zijn wit van kleur.
Poten en tenen zijn ook bedekt met veren. Ook heeft hij de wel bekende "oortjes".

Oehoe's praten veel met hun lichaam.
De stand van hun veren en hun lijf geeft aan hoe ze zich voelen.

Als de oehoe op zijn gemak is zijn z’n
veren los en ziet hij er donzig uit.

Is hij gealarmeerd dan zitten al zijn veren strak langs zijn lichaam en maakt hij zich helemaal lang.

Ook praten oehoe's door geluiden
te maken.

Het bekendste geluid van de oehoe is het oehoe geluid. Dit maakt hij om zijn territorium af te bakenen.

Maar een oehoe kan ook andere geluiden maken zoals gillen, fluiten, sissen en zelfs klikken.

Bengaalse oehoe Kabouterland 2006
   
 

India tot het
Zuiden van de Himalaya

2-5 eieren

   
Leefomgeving Broedtijd
   

rotsachtig bebost gebied, ravijnen
en ruïnes

35 dagen

   
Voedsel Leeftijd
   

kleine zoogdieren, vogels, hagedissen, slangen, kikkers, vis en krab

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

56 cm.
spanwijdte
1.28-1.35 m.
1100 gram